📖 Meditatie voor de maand november
Lukas 18:35 - En het geschiedde, als Hij nabij Jericho kwam, dat een zeker blinde aan den weg zat, bedelende.
AAN DE WEG, DICHT BIJ JEZUS
“En het geschiedde, als Hij nabij Jericho kwam, dat een zeker blinde aan den weg zat, bedelende.”
Met deze eenvoudige woorden opent zich een aangrijpend tafereel. Er wordt geen naam genoemd. Hij is “een zeker blinde”. Voor de mensen die langs de weg komen, is hij misschien vooral iemand die daar altijd zit. Een vertrouwde verschijning, maar tegelijk gemakkelijk over het hoofd te zien. Toch ziet de Bijbel hem. Zijn nood wordt niet verborgen en zijn bestaan wordt niet gereduceerd tot een probleem.
Hij zit aan de weg. Dat zegt veel. Hij bevindt zich aan de rand van het gewone leven. Anderen zijn onderweg; hij blijft op zijn plaats. Anderen kunnen zelf hun weg kiezen; hij is afhankelijk van wat voorbijgangers hem willen geven. Zijn blindheid bepaalt zijn mogelijkheden. Bedelen is geen vrije keuze, maar zijn manier om in leven te blijven.
Misschien herkent u iets van die plaats. Niet letterlijk, maar wel innerlijk. Er kunnen omstandigheden zijn waarin u het gevoel hebt dat anderen verdergaan, terwijl u zelf stil komt te staan. Door ziekte, verdriet, teleurstelling, schuld of eenzaamheid kunt u afhankelijk worden van hulp. Soms zit iemand uiterlijk midden in het leven, maar voelt hij zich vanbinnen aan de kant gezet. Niemand hoeft precies te weten wat er in u omgaat. Toch weet God het.
Opvallend is dat deze blinde juist aan de weg zit waar Jezus langskomt. Hij kan Jezus niet zien. Hij weet misschien niet precies hoe dichtbij Hij is. Maar zijn blindheid verhindert niet dat Jezus hem kan bereiken. Dat is een bemoediging voor ieder die zoekt, maar weinig ziet. Geloof begint niet altijd met helderheid of zekerheid. Soms begint het met het besef: ik kan mezelf niet redden, maar misschien komt er Iemand voorbij die mij werkelijk kan helpen.
Het woord “bedelende” maakt zijn afhankelijkheid zichtbaar. Hij heeft niets in handen waarmee hij aanspraak kan maken op hulp. Hij kan alleen ontvangen wat hem gegeven wordt. Dat is voor een mens moeilijk. Wij willen graag zelfstandig zijn, onze problemen zelf oplossen en onze waardigheid ontlenen aan wat wij kunnen. Maar voor God hoeft u niet eerst sterk, waardig of succesvol te zijn. U mag komen zoals u bent: met uw gebrek, uw vragen en uw nood.
Ook de plaats waar de blinde zit, is betekenisvol: aan de weg. Daar komen mensen voorbij, maar daar komt ook Jezus. Soms lijkt uw leven een plek van wachten. U weet niet wanneer er verandering komt en u kunt haar niet zelf afdwingen. Toch kan juist op die plaats een ontmoeting ontstaan. Niet omdat uw omstandigheden vanzelf goed worden, maar omdat de Heere Jezus mensen opmerkt die voor anderen nauwelijks meetellen.
De tekst nodigt u uit om eerlijk te worden. Waar zit u op dit moment? Welke nood probeert u te verbergen? Waarin bent u afhankelijk, terwijl u dat liever niet toegeeft? En durft u te geloven dat Jezus ook uw plaats kent? Hij is niet afgeschrikt door menselijke gebrokenheid. Hij loopt niet achteloos voorbij.
Misschien kunt u vandaag nog geen uitweg zien. Dat hoeft u niet te verhinderen om u tot Hem te richten. De blinde aan de weg had geen zicht, maar hij was niet buiten bereik van Jezus. Laat dat ook voor u een hoopvolle gedachte zijn. U hoeft niet eerst alles te begrijpen voordat u Hem zoekt. Breng Hem uw nood, eenvoudig en eerlijk. Wie aan de weg zit, kan door Hem worden gevonden.
De Schriftuitlegger